Foto: David Meulenbeld

Corien van Zweden schreef een boek gebaseerd op de dagboeken van haar vader: 'Het voelde alsof ik verboden grond betrad'

Marjolein de Jong17 April 2024

Schrijver Corien van Zweden (61) studeerde theologie aan de Vrije Universiteit Amsterdam, maar viel tijdens een reis door Pakistan van haar geloof. „Ik kreeg er het schrijversvak voor terug.”

Via een videoverbinding spreken we Van Zweden vanuit Wenen, waar ze bijkomt van alle publiciteit rond haar recent verschenen boek Het geloof van mijn vader. Het boek is gebaseerd op de door haar geërfde dagboeken van haar vader en beziet hoe de oorlog en het geloof door drie generaties heen sijpelen. 

Waarom besloot je destijds theologie aan de VU te studeren?

„Als ik zou gaan studeren, lag het voor de hand dat het aan de VU zou zijn. Ik kom uit een gereformeerde familie. Twee ooms en een tante gingen mij voor en het VU-busje stond bij mijn grootouders in de kast. Het gekke is dat ik niet meer zo goed weet waarom ik koos voor theologie. Ik vond filosofie en de talen interessant, maar een vak als dogmatiek? Ik vond het vervreemdend om zo rationeel het geloof uit te pluizen. Veel studenten binnen de theologiestudie waren op weg naar het predikantschap, maar ik liep daar een beetje rond als een vreemde eend in de bijt? Ik wist zelf ook niet precies waarom ik daar was. Achteraf heb ik het gevoel dat het bijna een geleende interesse was."

„Als God almachtig is, waarom laat hij de slechtheid dan niet stoppen? Hij wilde dat vraagstuk al denkend oplossen, er moest een verklaring voor zijn."

Werden er bij jullie aan de eettafel vroeger theologische discussies gevoerd?

„Het geloof was ontzettend aanwezig in ons gezin, maar wat eigenlijk het belangrijkste was, was dat het geloof en de oorlog zo verschrikkelijk veel met elkaar te maken hadden. Mijn vader was door zijn oorlogservaringen in conflict gekomen met het gereformeerde geloof, want hoe kan er een God bestaan die zoiets laat gebeuren? Als God almachtig is, waarom laat hij de slechtheid dan niet stoppen? Hij wilde dat vraagstuk al denkend oplossen, er moest een verklaring voor zijn. En hij wilde het geloof niet kwijt, wat bij veel van zijn generatiegenoten wel gebeurde. Nachtenlang zat hij te tikken op zijn typemachine. Hele boeken en essays schreef hij over het onderwerp."

Terwijl de oorlogservaringen van je grootvader juist een bevestiging vormden van zijn geloof.

„Mijn grootvader is opgepakt op de marinewerf in Den Helder, waar hij door de Duitsers werd betrapt op verzetsdaden. Tijdens zijn daaropvolgende gevangenschap in Duitsland is hij in een isoleercel volkomen uitgehongerd. Hij werd zo gek van de honger dat hij op zijn knieën zakte en zijn gebed uit één woord bestond: brood. Later op die dag kwam een bewaker met een pan soep met wat korsten brood erin en hij deed een extra broodkorst in het kommetje van mijn grootvader. Dat heeft hij toen gevoeld als een verhoring van zijn gebed."

„Mijn grootvader is door de honger zo kapot uit de oorlog gekomen dat hij aan de gevolgen ervan is overleden. Dat klonk bijna als een sadistische God volgens mijn vader."

„Mijn vader is na de oorlog door dat verhaal in conflict gekomen. Wat een rare God, is het, als hij aan één gevangene een korstje brood geeft, dacht hij, en de rest, die misschien nog hongeriger is, laat verhongeren. Het bleef bij mijn grootvader bij die ene korst brood. Hij is door de honger zo kapot uit de oorlog gekomen dat hij aan de gevolgen ervan is overleden. Dat klonk bijna als een sadistische God volgens mijn vader."

Waren dat ook de vragen waar jij tijdens je opleiding mee stoeide? 

„Ja, die vragen wilde ik oplossen. Ik denk dat ik zo'n kind ben geweest, om het met de woorden van Ischa Meijer te zeggen, dat alles goed wilde maken. Ik denk dat ik op een of andere manier dacht: als ik die studie ga doen, dan kan ik namens hem antwoord vinden op die vragen."

„Op zijn sterfbed heeft mijn vader gezegd dat ik met de dagboeken mocht doen wat ik wilde."

Was er een exact moment waarop je besloot dat je wat met de dagboeken van je vader wilde doen? 

„Op zijn sterfbed heeft mijn vader gezegd dat ik met de dagboeken mocht doen wat ik wilde. Hij zei dat ik erin mocht lezen, erover mocht schrijven of eruit mocht citeren. Dat is een vrij concrete invulling van wat ik ermee zou kunnen doen. De dagboeken verbranden in de achtertuin, gaf hij niet als mogelijkheid. Vanaf dat moment leefde het idee voor dit boek bij mij."

Had je vader, ook journalist en schrijver, er zelf iets mee willen doen?

„Tijdens het schrijven ontdekte ik dat hij eigenlijk zijn hele schrijvende leven bezig is geweest om manuscripten te schrijven die op de dagboeken waren gebaseerd. Als hij er tevreden over was, stuurde hij die aan een uitgever. Kreeg hij geen positieve reactie, dan ging hij het weer herschrijven, en vervolgens ging hij  naar een andere uitgever. Hij heeft zelfs nog op zijn tachtigste, dat is achteraf gezien een jaar voor zijn dood, een manuscript naar een uitgever gestuurd. Dat heeft iets beklemmends. Ik vond het een lastige erfenis."

„Dit moest míjn boek worden. Niet een poging om het boek te schrijven dat hij niet uitgegeven kreeg."

„Het was ook heel pijnlijk om dat over je eigen vader te lezen. Want het heeft iets tragisch. Ik moest mij losmaken van de gedachte dat ik nu zijn boek namens hem ging schrijven. Want ik had al namens hem een studie gedaan waar ik achteraf ook van denk: waarom? Dit moest míjn boek worden. Niet een poging om het boek te schrijven dat hij niet uitgegeven kreeg."

Corien


Je hebt er ook echt voor gekozen om in het boek ook jouw leven in te brengen. 

„Het moest een boek worden over wat mijn vragen zijn. Ik was ook echt benieuwd naar hoe de ervaringen, maar ook de vraagstukken waar de generaties voor je mee worstelen, worden doorgegeven en hoe die weer invloed hebben van generatie op generatie."

„Mijn vader had heel ernstige migraines. Hij lag soms dagenlang in het donker in bed met vreselijke pijn."

„Mijn vader had heel ernstige migraines. Er waren toen nog geen goede medicijnen. Hij lag soms dagenlang in het donker in bed met vreselijke pijn. De aanleg voor migraine heb ik helaas van hem geërfd. Ik denk dat de ziekte van mijn vader was geworteld in oorlogstrauma's. Dit zou hij waarschijnlijk met mij oneens zijn, want dat wilde hij zelf nooit zien. Het was volgens hem een fysieke kwaal en naar de psychiater ging je alleen als je gek was en dat was hij  niet. Dat is ook een beetje een generatie-ding. Maar hij wilde dat absoluut niet. Hij hield bovendien een dagboek bij en vond dat hij met zichzelf in harmonie was. Alles wat hij moest uitdenken, dacht hij zelf wel uit."

„Zelf had ik heel sporadisch last van migraine, er konden jaren voorbij gaan zonder een aanval. Maar tijdens het schrijven van het boek stak het ineens weer de kop op. In de tijd dat ik schreef over mijn opa in het concentratiekamp, kreeg ik iedere keer een migraineaanval zodra ik de laptop openklapte. En in het begin wil je dat niet doorhebben, denk je dat het toeval is. Maar toen het drie keer achter elkaar gebeurde - de derde keer waren het drie aanvallen over elkaar heen en bleef de pijn zes weken hangen -  dacht ik: je hoeft geen psycholoog te zijn om hier een verband in te zien. Ik moest stoppen met het boek en heb het ook echt weggelegd. Het voelde alsof ik verboden grond betrad, alsof ik te dichtbij kwam."

Toch ligt het boek er nu. 

„Een week nadat ik besloot te stoppen, kreeg ik een telefoontje met de vraag of ik mee wilde werken aan een boek over de baarmoeder. Ik werd direct enthousiast en dacht: zie je, ik heb geen burn-out, ik heb wel zin om te werken. Tijdens het schrijven van dat boek ben ik me daarnaast gaan verdiepen in migraine. Ik was er buitensporig bang voor. Nog banger dan voor kanker, wat ik twee keer heb gehad. Ik ontdekte hoe mijn migraine zich verhoudt tot trauma en oorlog. Dat heeft gezorgd voor een enorme bevrijding. Ik bleek er zo mee verknoopt dat ik zelfs de hoofdpijn van mijn vader overnam als ik begon met schrijven."

Corien


Wist je altijd al dat je wilde schrijven?

„Na mijn afstuderen overwoog ik een promotieonderzoek te doen over hetzelfde onderwerp als mijn scriptie: over 16e eeuwse martelaressen van de reformatie. Maar eerst wilde ik iets heel anders doen en bij toeval kwam ik terecht in een kindertehuis in Karachi, Pakistan. Daar werd ik geconfronteerd met zoveel ellende, zoveel armoede. Toen ik op een avond na het werk over de stad uitkeek, voelde ik ineens intrinsiek dat ik het niet kon rijmen met mijn geloof."

„De hoofdredacteur stuurde mij per post een boek op, dat er vier weken over deed naar het afgelegen dorpje waar ik zat en ik stuurde per floppy mijn artikel terug."

„Ik hield in die tijd een reisdagboek bij en toen ik dat op een avond voorlas aan mijn Nederlandse collega’s, kreeg ik zulke enthousiaste reacties dat ik besloot dat het schrijven iets serieus moest worden. Ik verloor tijdens die reis mijn geloof, maar kreeg er mijn vak voor terug. En ik besloot dat ik meer werelden wilde zien dan enkel de gereformeerde wereld waar ik uitkwam."

„Kort daarna vertrok ik met de man met wie ik inmiddels getrouwd was, naar het Amazonegebied in Bolivia, waar hij werkte als bioloog en ik schreef voor verschillende bladen. Ook maakte ik voor VU Magazine essays over religieuze en filosofische boeken. De hoofdredacteur stuurde mij dan per post een boek op, dat er vier weken over deed naar het afgelegen dorpje waar ik zat en ik stuurde per floppy mijn artikel terug. Je kunt je het nu niet meer voorstellen dat er zoveel moeite werd gedaan voor een artikel. Dan is een digitaal interview zoals dat van ons een stuk makkelijker."

Corien van Zweden, Het geloof van mijn vader. God en de oorlog in drie generaties, De Bezige Bij, 2024